(advertentie)
(advertentie)
(advertentie)

Een tijdje geleden had ik tijdens een cannabis evenement een boeiend gesprek met iemand die al een flinke tijd meedraait in Nederwietland. Een zeer vriendelijke professional, met messcherpe meningen. Dat bleek ook deze keer weer…

Was vroeger dan toch alles beter?

Als vanzelf kregen we het over het lopende wietexperiment en de vooruitzichten voor de periode daarna. ‘Van mij mogen ze het weer illegaal maken, zoals vroeger’, trapte hij af. Ik spitste mijn oren en keek hem verbaasd aan.

‘Straks heb je een handvol grote bedrijven die de hele markt voorzien’, legde hij uit. ‘Vroeger verdienden duizenden mensen een boterham met kweken voor de coffeeshops.’ En de kwaliteit dan, het feit dat de cannabis in het experiment gegarandeerd schoon is?

‘Ik koop ook mijn zakje Hollandse Hoogtes in de shop’, erkende hij. ‘Maar dan gaat mijn geld naar nóg duurdere auto’s voor hun investeerders, niet naar lokale kwekers en hun gezinnen. Of misschien investeren die investeerders dat geld in Israël, ik noem maar iets.’

Foto van een wietkas van CanAdelaar, de grootste legale wietteler van Nederland die kweekt voor het wietexperiment.

Goede deal: 4.000 wietkwekers verdienen geld, 2 in de bak

Ik zei dat voor mij het belangrijkste is dat er niemand meer achter de tralies belandt voor cannabis. ‘Daar ben ik het niet mee eens’, antwoordde hij. ‘Als er twee mensen in de cel zitten, maar vierduizend mensen kunnen met kweken hun brood verdienen, dan vind ik dat een goede deal.’ Behalve als jij één van die twee bent, dacht ik, maar ik hield mijn mond.

‘Van mij mogen ze brood ook illegaal maken’, ging hij verder. ‘Dan heb je gegarandeerd beter en verser brood, dat op meer plaatsen verkrijgbaar is. En je geld gaat niet naar een paar megabedrijven, maar naar kleine, ambachtelijke bakkers.’

Bij de legale wietteler Hollandse Hoogtes bedienen ze zelfs de Koning en Koningin.

De Negende zang van de Revolutie

Natuurlijk begreep ik zijn punt. Maar over de oplossing zijn we het niet eens. Ja, het is slecht als een paar spelers de legale cannabismarkt controleren. Maar dat kun je voorkomen door goede regulering, met micro licenses voor kleine ondernemers en strenge regels tegen kartelvorming. Verbieden is geen oplossing.

Het pleidooi vóór een verbod op wiet en brood herinnerde me aan een gedicht van Julian Beck (1925-1985), medeoprichter van het New Yorkse theatergezelschap The Living Theatre. De Nederlandse vertaling hieronder staat in het boek ‘Moeder Gras’ van Simon Vinkenoog.

‘De Negende zang van de Revolutie’

niet geïnteresseerd in het legaliseren van marihuana
niet geïnteresseerd in de benoeming van een betere politiecommissaris
we hebben geen beperkende wetgeving nodig
het gaat er niet om dat niemand moordt
het gaat er om dat iedereen leeft

geen zin de wetten te verbeteren
een mythe dat de wet verbeterd kan worden
een mythe dat de wet iets met recht te maken heeft
de wet versterkt het systeem en het systeem is niet rechtvaardig
we hebben geen recht nodig we hebben leven nodig
het recht velt vonnissen ten gunste van gezag en bezit
het recht is binnen het systeem de illusie van een volk dat bang is iets voor zichzelf te doen
en het is het systeem dat ons hebzuchtig en belust op bezit maakt
het is het systeem dat de wet nodig heeft

ik wil een einde aan de doodstraf
omdat alles wat wij kunnen doen om het moorden te stoppen en het leven te verlengen eerst komt
maar ik wil de marihuana-wetgeving niet veranderen
ik wil die blijven breken
ik wil de wet breken
die op de rotsen werpen om het uiteenspatten van de stukken te zien
maya de oplossing van de illusie
ik wil de wet breken
ik wil onze vrijheid

Toen ik mijn gesprekspartner vroeg of hij zijn verhaal, desnoods anoniem, wilde komen vertellen in de High Tea Potcast, lachte hij bescheiden. ‘Laten we dat maar niet doen.’

‘Oké, jammer’, antwoordde ik. ‘Dan schrijf ik er wel een column over.’