(advertentie)
(advertentie)
(advertentie)

Vandaag gaan wij van Cannabis Expertise Centrum en Growshop Plantarium het hebben over wind! Om precies te zijn; over de inzet van een fris briesje in je kweektent. Iedere wietplant houdt namelijk van een beetje beweging. Het versterkt de stam, verdeelt het vocht in de lucht, stimuleert een goede verdeling van warmte en voorkomt schimmelproblemen. Daarnaast kun je wind inzetten voor de optimale groei en het strekken in de bloei. In dit artikel gaan we je direct allerlei praktische tips geven over de juiste inzet van een ventilator!

Tip #1: Richt je ventilator nooit op de wietplant

We zien het nog steeds, ook in de industriële cannabisindustrie in het buitenland. Kwekers die de luchtstroom van de ventilator direct op de plant richten. Ombuigende planten die de ‘volle mep’ van een forse wind te verduren krijgen. Niet doen, want het heeft een negatief gevolg.

De plant moet continu vechten om zichzelf overheid te houden en haar bladeren te richten naar het licht. Het zorgt dan ook voor onnodige vertraging in haar groei. Je wietplant zal de meerderheid van haar energie besteden aan het verdikken van de stam en niet in de hoogte- en breedtegroei. Dat betekent concreet dat je groeifase langer duurt.

En natuurlijk, het is heel mooi zo’n dikke stam. Hoe steviger de stam, hoe meer transport van water, hoe meer voedingstoffen de toppen bereiken. Die gedachte is zeker juist, maar je moet dat niet te veel willen forceren. Als je de omstandigheden waarin je wietplant groeit optimaal en constant houdt, gaat ze vanzelf een dikkere stam creëren. Ze heeft dan immers meer voedingstoffen en water nodig.

In de bloeifase is het helemaal nadelig om je ventilator direct op de toppen te richten. Dat kost je opbrengst, om de hele simpele reden dat de plant haar bladeren niet meer goed kan positioneren. Ze worden immers allerlei kanten op geblazen. Het resultaat is dat ieder blad minder licht opvangt, er minder fotosynthese plaatsvindt en er minder energie geproduceerd wordt voor de aanmaak van toppen.

Te veel wind is niet goed. Je wietplant zal minder snel groeien, wat je in de bloeifase oogst gaat kosten… [foto: MexChriss/Shutterstock]

Tip #2: Creëer met een passende afzuiger een verticale luchtstroom

Idealiter is de lucht in je kweektent in beweging. Dat doe je onder andere met de afzuiger, dit apparaat zorgt voor een verticale luchtstroom. Dat betekent dat er lucht door de luchtgaten onderin wordt aangezogen, zonder gebruik van inblaasventilatoren. Dat noemen we ‘passief’ en het is meer dan genoeg voor iedere kleinschalige kweektent.

Vervolgens verlaat de lucht bovenin je tent en reist het door je koolstoffilter en afzuiger. Hierdoor kan er geen geurende wietlucht ontsnappen én krijgt de plant voldoende CO2. Dat is ook waarom een kweektent goed werkt, je ziet door de spanning op het tentdoek direct of er een onderdruk aanwezig is en de afzuiger perfect functioneert. De tent zuigt letterlijk een klein beetje vacuüm (naast dat een tent makkelijk schoon te maken en op te bergen is). Lees hier meer over in ons artikel over ‘Lucht”.

Tip #3: Gebruik je ventilator voor een horizontale luchtstroom

Vervolgens installeer je een ventilator. Denk dan aan een clipfan die je aan één van de buizen van een tent bevestigd. Ook kun je het apparaatje met een verstelbaar ophangkatrol in je ruimte hangen. De luchtstroom van de ventilator richt je over het bladerdek, over de top van de hoogste plant. Horizontaal.

Je blijft de ventilator ook telkens iets hoger hangen naarmate je planten in de hoogte groeien. Door de horizontale luchtstroom heeft je groene dame geen overbodige groeivertraging, maar is er wel voldoende wind aanwezig.

Tip #4: Laat je ventilator 24/7 aan staan

Dat vindt de plant prettig; een constant, evenredig klimaat. Zo ook de hoeveelheid lucht en aanwezige wind. De meeste ventilatoren hebben één of twee standjes, maar er bestaan ook oscillerende ventilatoren. Deze draaien op hun as en bewegen van links naar rechts. Dat klinkt ideaal en dat is het in theorie ook.

Maar in de praktijk zien we dat deze bewegende ventilatoren snel komen te overlijden. Ze worden niet gemaakt om 24 uur per dag, 7 dagen per week aan te staan. De motor gaat vaak kapot door beweging van de tent of kast en door stof. Om die reden zijn we ook gestopt met het verkopen van oscillerende ventilatoren. Mocht jij een goed (en waarschijnlijk duurder) model hebben gevonden die langer meegaat als 3 maanden, horen we het ook graag! Leren doen we samen.

Wat we wel hebben is een Boxfan. Deze draait niet op zijn as, maar creëert een bewegende luchtstroom door een draaiende paneel op de voorkant. Dat is vele malen stabieler, waardoor het apparaat ook langer meegaat.

Het uitgangspunt is het trillen van de bladvingers. Die dienen in beweging te zijn, dan weet je dat er voldoende lucht door het bladerdek reist. [foto: Valmedia/Shutterstock]

Tip #5: De bladvingers dienen te bewegen

Dat is het uitgangspunt! De plant hoeft niet van links naar rechts te dansen, noch over te hellen door de stroom lucht. Belangrijk is dat het blad minimaal in beweging is; dat ieder vinger van het blad licht trilt door de luchtverplaatsing. Hierdoor weet je dat er voldoende lucht door het bladerdek stroomt. Dat is belangrijk. Elk blad produceert namelijk vocht, wat zich op het blad kan ophopen. Zo kun je meten dat de luchtvochtigheid dichterbij het blad hoger is dan bij de stam of direct boven het bladerdek…

In de groeifase is een hogere luchtvochtigheid in het bladerdek geen probleem. In de bloeifase kan het daarentegen voor problemen zorgen. Denk dan aan vocht-hotspots, maar ook het ontstaan van schimmel op het blad (bijvoorbeeld meeldauw) of schimmel in de top (botrytis). Dat moet je niet willen! Zorg daarom vooral in de bloeifase voor goede ventilatie in je bladerdek waardoor het vocht zich zo kan verspreiden.

En ja, je kunt daar ook onze selectieve bladsnoeitechnieken voor inzetten. Lees daar meer over op CNNBS in de Plantarium Perfecte Bladerdek – serie.

Tip #6: Gebruik een passende ventilator

Kweek je in een kleiner 60 bij 60 cm kweektentje? Dan heeft het geen zin om een clipfan van 15 centimeter op te hangen. Het is ten eerste zonde van de beperkte ruimte en ten tweede is de luchtverplaatsing te krachtig. Het is dan beter om een paar computerfans aan te sluiten.

Toch zien we dat de afzuiger in deze tent eigenlijk genoeg is voor voldoende luchtverplaatsing. Het laat de bladvingers al trillen en zoals we net hebben beschreven, is dat het uitgangspunt.

Richt je ventilator nooit direct op een bloeiende cannabistop. Het kost je letterlijk opbrengst! [foto: Andrey Plotnikov/Shutterstock]

Tip #7: Banaantjes in de top?

Soms komt het voor bij de keuze van minder kwalitatieve genetica of bij soorten die je te lang laat bloeien: de zogeheten banaantjes! Dit zijn gelige uitsteekseltjes die je in de wiettop ziet zitten. Het zijn eigenlijk zakjes met pollen, mannelijk stuifmeel dus. Deze banaantjes breken op een gegeven moment open, waardoor ze de toppen in de buurt met witte haartjes bevruchten. Het resultaat is de vorming van zaad.

Het is dus heel logisch om de luchtstroom even te onderbreken wanneer er kans op het verspreiden van stuifmeel is. Hoe meer luchtstroom, hoe meer verspreiding. Hetzelfde geldt eigenlijk als je hermafrodieten of mannetjes aantreft in de vroege bloeifase. Zet direct je ventilator uit en neem de schaar/zaag/kniptang/mes ter hand om de dame met mannelijke trekjes vakkundig te verwijderen…

Tot zover ons wind-artikel! Ga snel aan de slag met een ventilator en zorg dat je de jouwe binnen hebt voor de hete zomer. En natuurlijk kunnen we meer zeggen over het inzetten van lucht in je kweektent, kom gerust eens langs in ons expertisecentrum in Nijmegen of bezoek onze webshop.

[openingsbeeld: Cactuss/Shutterstock]
(advertentie)