(advertentie)
(advertentie)
(advertentie)
oneindige bloeifase

Week tien, de trichomen zijn bijna klaar, en tóch verschijnen er bovenop je toppen steeds weer verse witte bloeiharen. Welkom in de oneindige bloeifase. Je wietplant lijkt niet te willen stoppen, maar ze is dus niet in de bloeifase blijven hangen, zoals je wellicht denkt. Met wietplanten in ’the infinite flowering phase’ is namelijk iets anders aan de hand…

De oneindige bloeifase is frustrerend. De planning zegt dat je plant klaar is, de trichomen zeggen bijna, en de nieuwe bloeiharen geven bloeiweek vijf aan. Ondertussen rijpt de wiet eronder gewoon door, en niet altijd de goede kant op. Op internet circuleren allerlei goedbedoelde kweektips om een plant te dwingen af te ronden. Maar wat is er eigenlijk écht aan de hand met een wietplant die almaar door lijkt te bloeien?

De oneindige bloeifase is niet reveggen

Eerst een belangrijk onderscheid. Een veelgehoorde verklaring is dat te veel stikstof en hitte je toppen ’terug in de groeifase’ duwen. Dat klopt niet. Echt reveggen heeft namelijk maar één oorzaak: licht in de nachtperiode. Een wietplant ‘meet’ de lengte van de nacht om te bepalen of ze in bloei blijft. Lekt er continu licht in je kweekruimte – of zet je het lichtschema bewust terug op 18/6 – dan zal je wietplant terug in de groeifase schieten, oftewel: reveggen.

De nieuwe witte bloeiharen van de oneindige bloeifase zijn iets heel anders. Dat zijn foxtails: torentjes van nieuwe calyxen die zich bovenop al rijpe toppen stapelen, elk met verse witte bloeiharen. De top gaat dus niet terug naar de groeifase. Ze wordt juist aangespoord om verder te bloeien. En die aansporing komt meestal door stress, en soms is het genetische aanleg, maar het ligt dus niet aan je voeding.

🌱 Wat is de oneindige bloeifase? Met de oneindige bloeifase (Engels: The Infinite Flowering Phase) bedoelen kwekers een wietplant die na de verwachte bloeiperiode steeds nieuwe calyxen en witte bloeiharen blijft aanmaken, meestal bovenop de toppen. De plant lijkt nooit klaar te zijn met bloeien. In werkelijkheid gaat het bijna altijd om foxtails door hitte of te veel licht. Soms gaat het om een wietsoort die van nature zo bloeit, meestal een Haze of andere sativa dominante strain.

Hitte is de grootste boosdoener

Het sterkste bewijs komt uit eigen land. Onderzoekers van Wageningen University kweekten in 2025 een THC-soort en een CBD-soort onder twee klimaten: 25 °C overdag en 21 °C ’s nachts, tegenover 31 °C en 27 °C. Bij de warme variant ontstonden abnormale bloemtrossen bovenop de oudere toppen. De onderzoekers noemden het beestje gewoon bij naam: foxtailing.

De prijs was hoog. De afrijping raakte verstoord en het cannabinoïdengehalte daalde flink in beide wietsoorten. Hitte remt het afrijpen dus niet alleen af, ze vervangt het door ‘nieuwbouw’. Bovendien laat dit zien waarom wachten weinig zin heeft. Zolang de omstandigheden hetzelfde blijven, blijft de plant gewoon doorbloeien.

Licht is pas een probleem dicht bij de lamp

Licht wordt vaak als tweede schuldige aangewezen, maar niet op de manier die je denkt. Onderzoek van de University of Guelph liet zien dat de opbrengst lineair bleef stijgen van 120 tot wel 1.800 µmol licht. Lichtintensiteit op zich is dus niet de vijand. Het probleem is lokaal: de toppen die het dichtst bij je lamp groeien, krijgen meer straling, meer warmte en minder luchtbeweging.

Daarom verschijnen foxtails meestal eerst op de hoogste toppen, soms met spierwit gebleekte puntjes, terwijl het middendeel van je plant netjes op schema afrijpt. Zie je de torentjes alleen bovenin? Meet het probleem dan in centimeters lamphoogte, maar niet in milligrammen stikstof of een bepaalde EC-waarde.

De ideale hoogte tussen lamp en wietplant

Hang je kweeklamp op de juiste hoogte en voorkom de oneindige bloeifase. Foto: Shutterstock

Of is het gewoon genetica?

Sommige wietsoorten bouwen van nature van die opgestapelde, speervormige staarten op toppen. Denk aan haze-achtige strains, en tropische sativa’s die bovendien gewoon lang bloeien. Daar valt niets aan te verhelpen, en dat hoeft ook niet. Houd er daarnaast rekening mee dat de bloeitijd op de verpakking is gemeten onder de omstandigheden van het zadenbedrijf, en soms wat te gunstig is afgerond.

🔍 De foxtail-test: Stress-foxtails verschijnen plotseling, laat in de bloei, op de warmste en hoogst geplaatste toppen. Genetische foxtails zie je over de hele plant, bij elke kweek, al vanaf de vroege bloei. Doet één soort het elke keer terwijl de buren onder dezelfde lamp netjes afrijpen? Dan kijk je niet naar je kweekruimte, maar is het gewoon de genetische blauwdruk van die plant.

Een mooie sativa van Barney’s Farm, met kenmerkende foxtails.

Stikstof is medeplichtig, niet de dader

Er bestaat geen enkel bewijs dat stikstof (N) wietplanten terug in de groeifase duwt. Toch is te veel stikstof laat in de bloeifase wel degelijk een probleem. Stikstof is in vrijwel elk gewas het ‘blijf jong’-signaal. Zolang je er veel van geeft, houdt de plant haar bladeren groen en stelt ze het natuurlijke verouderingsproces uit. Dat maakt de afrijping traag.

Bovendien vond het lab van Nirit Bernstein in Israël dat hoge stikstofgiften het cannabinoïdengehalte in de toppen juist verlagen. De oplossing is echter niet om stikstof volledig te schrappen. Dan gaat je plant zichzelf leegroven en laat ze haar bladeren weken te vroeg vallen. Bouw de stikstof liever geleidelijk af naar een bescheiden niveau voor de late bloei.

Kun je een wietplant dwingen om af te rijpen?

Kort gezegd: nee. Een wietplant bloeit één keer, rijpt één keer af en sterft volgens een genetisch vastgelegd programma. Ze breekt haar eigen bladeren af en stuurt de voedingsstoffen naar de bloemen. Dat programma draait op hormonen. Je kunt het tempo wel beïnvloeden, maar er bestaat geen schakelaar. Producten die beloven de afrijping ‘aan te zetten’, verkopen dus iets wat de plant niet heeft.

Ook spoelen helpt hier niet. In deze proef van voedingsmerk Rx Green Technologies werden planten 14, 10 of 7 dagen voor de oogst gespoeld, of helemaal niet. Spoelen leverde nergens voordeel op. Sterker nog: bij een blinde smaaktest kreeg de ongespoelde wiet zelfs de voorkeur.

Zo eindig je een oneindige bloeifase

Begin bij de kweekruimte, niet bij de voeding. Meet de temperatuur bij de bovenste toppen, niet bij de thermostaat. Mik op zo’n 24 °C overdag en rond de 20 °C ’s nachts. Een infraroodthermometer gericht op je hoogste toppen vertelt je in tien seconden meer dan weken gissen. Te warm? Hang de lamp hoger of dim hem. Meer adviezen over hoge temperatuur vind je in deze anti-warmte tips.

Controleer daarnaast je donkerperiode. Controleer goed of je kweektent niet ergens licht lekt. Een timer-ledje, een kier in een rits of een stekkerdoos met lampje, het kan de bloei allemaal verstoren. Vind je een lichtlek of een vergeten ledje, dan heb je misschien helemaal geen foxtail-probleem, maar een revegprobleem. En dat los je gratis op door het lichtlek te dichten.

⏰ Noodrem: kortere dagen: Loopt een wietplant echt weken uit de hand? Dan kun je de dagen inkorten, bijvoorbeeld naar 11 uur licht en 13 uur donker of zelfs 10 of 9 uur licht en 14 of 15 uur donker. Onderzoek van de University of Guelph liet zien dat bloeiharen sneller verkleuren en trichomen sneller amber worden onder 12 uur licht dan onder 13 uur. Minder lichturen betekent wel minder energie en dus kleinere toppen. Lees hier meer over het verkorten van de bloeifase door aanpassing van het lichtschema.

Schakelklok voor cannabis lichtschema

Kortere dagen kunnen de bloeifase inkorten, maar kosten ook opbrengst.

Foto: Shutterstock

Oogst op de trichomen, niet op de bloeiharen

Het belangrijkste advies: stop met kijken naar de bloeiharen. Een plant in de oneindige bloeifase blijft tot haar laatste dag nieuwe witte haren maken. Foxtails zijn immers nieuw weefsel, dus hun bloeiharen zijn wit en hun trichomen helder. Beoordeel daarom liever wat lager in de top. Kijk met een loep naar de calyxen halverwege de top en negeer de torentjes en de suikerblaadjes.

Zijn de meeste trichomen daar melkwit, met eventueel enkele amberkleurige trichomen? Dan is het tijd om te oogsten. Het enige wat je opoffert, zijn een paar onrijpe puntjes die toch nooit meer bij waren gekomen.

Openingsfoto: Shutterstock