(advertentie)
(advertentie)
(advertentie)

Net de bloei ingezet en toch al bladeren die verkleuren? Problemen in de eerste bloeiweken van je wietplant zijn veel gehoorde kweekklachten, en de oorzaak is bijna altijd hetzelfde: de voeding die niet op tijd (of juist te vroeg en te enthousiast) wordt aangepast aan de veranderende behoefte van je plant. Gelukkig is het probleem net zo goed voorspelbaar als op te lossen.

Zodra je wietplant in bloei gaat, verandert er in een paar weken tijd meer dan je op het eerste gezicht ziet. De plant schakelt van groeien naar bloemen vormen. En die omslag vraagt om een compleet andere voedingsbalans. Precies in dat overgangsmoment ontstaan veel problemen in de eerste bloeiweken.

Waarom de eerste bloeiweken kwetsbaar zijn

In de groeifase draait veel om stikstof (N): de plant bouwt blad en stengels en heeft daar veel van nodig. Zodra de bloei begint, verschuift die vraag. Fosfor (P) en kalium (K) worden belangrijker voor bloemvorming, terwijl de stikstofbehoefte flink daalt.

Het probleem is dat die overgang niet abrupt gaat. Er zit vaak nog stikstof in de aarde of het medium, terwijl je al moet beginnen met meer fosfor en kalium aanbieden. Twee kanten (te veel stikstof, te weinig fosfor en kalium) die beide niet kloppen, en dat zie je razendsnel terug in de bladeren.

Fosfor stuurt energieoverdracht in de plant aan, en is onmisbaar voor sterke wortels en toppen die goed aanzetten. Kalium regelt waterhuishouding en celdruk, en zorgt zo voor stevige, dichte bloemen. Beide mineralen worden dus letterlijk het bouwmateriaal van je oogst.

Fosfor en Kalium zijn letterlijk de bouwstenen van je oogst. Foto; Shutterstock

Te veel stikstof: het meest voorkomende probleem

De meeste bloeistart-problemen komen niet door een tekort aan fosfor of kalium, maar door een overschot aan stikstof. Vooral kwekers die minerale plantenvoeding gebruiken, lopen hier tegenaan: zij moeten zelf precies bepalen wanneer ze van groei- naar bloeivoeding overschakelen, en dat moment wordt vaak gemist.

Herken je diepgroene bladeren die naar beneden krullen als klauwen, dunne zwakke stengels en bladpunten die verbranden? Dan wijst dat op een overschot. Dit uitgebreide artikel over stikstofproblemen laat precies zien hoe je het herkent en verhelpt.

Diepgroene bladeren in klauw-stand in de eerste bloeiweek? Er zit te veel stikstof in de grond. Foto: Shutterstock

Te weinig fosfor of kalium

Het omgekeerde komt ook vaak voor: te weinig fosfor of kalium terwijl de bloei net op gang komt. Fosforgebrek herken je aan een paarse of blauwige verkleuring van bladeren en stengels, vaak in combinatie met donkere vlekken. Sommige wietsoorten hebben echter van nature paarse stengels, dus check ook op de andere signalen voordat je een fosfor-tekort concludeert.

Kaliumgebrek zie je vooral aan de bladranden: bladpunten en -randen verkleuren bruin en verdrogen, terwijl de rest van het blad nog gezond oogt. Beide tekorten remmen de bloemvorming direct, dus grijp snel in zodra je deze signalen herkent.

🌱 Wat veroorzaakt een tekort aan fosfor of kalium? Meestal zit er wel genoeg P en K in je voeding, maar is de pH-waarde net iets te hoog of te laag. Bij een verkeerde pH kan de plant deze mineralen niet goed opnemen, ook al staan ze klaar in de aarde. Check daarom eerst je pH-waarde (ideaal tussen 6,0 en 6,5 in aarde) voordat je bijvoedt.

Op deze kaart zie je welke mineralen bij welke pH-waarde het beste worden opgenomen. Zoals je ziet wordt fosfor bij een kweek op aarde, pas goed opgenomen vanaf een pH-waarde van 6.

Waarom biologische kwekers minder last hebben

Bij biologische kwekers met levende aarde komt dit probleem in het begin van de bloeifase minder vaak voor. Bodemleven – bacteriën, schimmels en micro-organismen – breekt organisch materiaal af, en geeft de voedingsstoffen geleidelijk vrij, precies op het tempo dat de plant erom vraagt.

Minerale plantenvoeding werkt anders: die is direct beschikbaar zodra je ‘m toedient. Dat is handig om snel bij te sturen, maar het betekent ook dat overdoseren sneller gebeurt. En dat jij als kweker zelf (en niet het bodemleven), precies het juiste moment moet kiezen om over te schakelen.

Wil je zelf overstappen op een rijkere aarde? Het bodemleven bouw je niet in één dag op, maar komt met het gebruik van goede aarde, compost of een bodemverbeteraar. Lees ook waarom een magere oogst vaak gewoon aan je aarde ligt.

Organisch materiaal in biologische aarde wordt door het bodemleven op maat omgezet in opneembare mineralen. Foto: Mama Belle Love kids, Shutterstock

Kweekproblemen in de bloeifase voorkomen en oplossen

Twijfel je of je nog groei- of al bloeivoeding moet geven? Gebruik dan deze vuistregel: schakel rond de tweede tot derde week na de start van 12/12 volledig over op bloeivoeding. Dat is het moment waarop de stikstofbehoefte echt daalt en de vraag naar fosfor en kalium toeneemt.

Zit er te veel stikstof in een sterk bemeste aarde? Spoel het medium dan door met aangezuurd water (pH 6,0 tot 6,5) om het overschot uit te wassen. Ga daarna verder met een lichte bloeivoeding, in plaats van meteen weer vol te bemesten. Let wel op dat de aarde niet te nat wordt als je gaat spoelen, en geef je wietplant de kans om het extra water op te nemen, voordat je meer water (met fosfor en kalium / bloeivoeding) geeft.

Meet je voedingswater altijd met een EC- (elektrische geleidbaarheid, een maat voor de totale voedingsconcentratie), zeker rond de omschakeling van 18/6 naar 12/12. Bouw de sterkte bovendien geleidelijk op in plaats van in één keer vol te bemesten.

Kort samengevat: meet je EC voor je bijvoed, en bouw bloeivoeding rustig op in plaats van in één keer vol te bemesten. Zo voorkom je de meeste problemen in de eerste bloeiweken bij wietplanten, voordat ze ontstaan.

Controleer je EC-waarde en doseer bloeivoeding met beleid. Dan heb je de hele bloeifase lang gezonde groene bladeren aan je wietplant.

Niet elk bloeiprobleem is een gebrek

Niet elke verkleuring in de bloei is een gebrek. In de laatste weken voor de oogst vergelen en verdrogen de onderste schutbladeren vanzelf, omdat de plant voedingsstoffen daaruit naar de toppen verplaatst. Dat is normale veroudering, geen voedingsprobleem – en bijvoeden helpt dan juist niet.

Er bestaat trouwens ook een spiegelbeeld van het probleem in dit artikel. Waar de eerste bloeiweken dikwijls misgaan doordat kwekers te traag omschakelen, gaat het ook mis bij kwekers die te enthousiast omschakelen en doorslaan in de nieuwe voedingsbehoefte.

🎥 Doorschieten in de nieuwe voedingsbehoefte: te veel kalium Wie eenmaal is overgeschakeld, geeft soms te enthousiast een kaliumrijke bloeibooster. Kalium verdringt dan calcium en magnesium bij de opname, met vlekkerig blad tot gevolg. Dit wordt meestal ook pas zichtbaar in de tweede helft van de bloei (rond week 5 tot 8 van de bloeifase), op nieuw blad. De video hieronder legt het mechanisme en de oplossing uit.

Twijfel je over welk bladprobleem je precies hebt? Gebruik dan deze eerste hulp bij bladproblemen als handige checklist. Check bij twijfel ook altijd eerst de leeftijd en de plek van het aangetaste blad, voordat je gaat bijvoeden of spoelen, en leer wat mobiele en immobiele voedingszouten zijn.