(advertentie)
(advertentie)
(advertenties)

Een grootschalige kweker haalt minder van zijn hennepplanten af dan een kleine kweker. Waar of niet waar? Dat is de hamvraag in een rechtszaak tegen een teler die met verschillende grote kwekerijen is gepakt. De kweker stelt dat de opbrengst in grote ruimtes lager uitvalt. Justitie noemt dit onzin. Cannabisonderzoeker Nicole Maalsté: ‘Er blijkt werkelijk niets te kloppen van de berekening die al ruim tien jaar Nederlandse hennepzaken domineert’.

Justitie: 28,2 gram per plant

Hennepkwekers die tegen de lamp zijn gelopen, kennen het vaste riedeltje van justitie inmiddels. Aan de hand van het aantal aangetroffen planten en het geschatte aantal oogsten wordt berekend hoeveel winst een teler met zijn planten heeft behaald.  Deze berekening vormt de basis voor de ontnemingsvordering die justitie de teler oplegt. Daarbij wordt steevast uitgegaan van een gemiddelde van 28,2 gram per plant en vier oogsten per jaar. We hebben het dan over een kwekerij met 15 hennepplanten en een wattage van 510 Watt op één vierkante meter. Dat is volgens justitie een standaard hennepplantage. Staan er meer planten op die vierkante meter, dan daalt de opbrengst per plant; staan er minder planten dan stijgt deze. Wanneer onduidelijk is hoeveel planten er op de vierkante meter stonden, dan gaat justitie uit van de standaardsituatie.

Er klopt iets niet

Het is een bekend verhaal dat de opbrengst per plant toeneemt wanneer er minder planten op een vierkante meter staan. Er is echter iets vreemds aan de hand met de berekening van justitie. Volgens het opbrengstmodel zou iemand die 40 planten op een vierkante meter heeft staan een opbrengst van 14,2 gram per plant hebben. De totale opbrengst voor die vierkante meter is dan 568 gram. Heeft iemand maar één plant op diezelfde vierkante meter staan, dan zou de totale opbrengst 34,3 gram zijn. Volgens dit model kan iemand dus maximaal 34,3 gram van een plant afhalen!

shutterstock_421629436

Een flinke cannabisfabriek, maar in hoeverre klopt de berekening die justitie hanteert voor de wietopbrengst per plant bij grote kwekerijen? [foto: Canna Obscura/Shutterstock]

En daar gaat het dus mis. Een beetje teler weet dat de hoeveelheid licht bepalend is voor de opbrengst. Dat is geen ‘rocket science’. We kennen allemaal de uitdrukking ‘licht is gewicht’. Of er nou veertig  of twee planten onder een lamp staan, de opbrengst per vierkante meter blijft hetzelfde. Daarom rekenen veel henneptelers ook niet in opbrengst per plant, maar in opbrengst per vierkante meter of per lamp (Watt). Ervaren kwekers streven naar 1 gram per Watt.

Wietkweker Huub: ‘In grote ruimtes valt de opbrengst stukken lager uit, omdat het lastig is om de condities zoals warmte- en luchtbeheersing onder controle te houden. Ook is het ondoenlijk om elke plant evengoed te bewateren en voeden’

Onze grootschalige teler  in kwestie, laten we hem Huub noemen, beweert dat de opbrengst in zijn kwekerijen tussen de 300 en 350 gram per lamp (600 W) was. In grote ruimtes valt de opbrengst volgens hem stukken lager uit, omdat het lastig is om de condities zoals warmte- en luchtbeheersing onder controle te houden. Ook is het ondoenlijk om elke plant evengoed te bewateren en voeden. In zijn kwekerijen gingen de planten er op een vooraf bepaalde dag uit, uitgebloeid of niet. En het droog- en knipwerk leverde ook opbrengstverlies op omdat de wiet zo snel mogelijk werd weggewerkt.

Justitie gelooft zijn verhaal niet. De aangetroffen kwekerijen zijn professioneel opgezet en Huub is een ervaren kweker. Waarom zou hij genoegen nemen met aan een lagere opbrengst?

Justitie eist miljoenen van wietkweker Huub

In de zaak tegen Huub gaat het om een ontnemingsvordering die in de miljoenen loopt. Huub’s advocaat doet een beroep op mijn expertise en vraagt mij om onderzoek te doen naar de standaardberekening van justitie.  In hoeverre is die berekening eigenlijk betrouwbaar? Is deze ook van toepassing op hele grote kwekerijen? En in hoeverre kan het verhaal van Huub kloppen? Het antwoord op deze vragen kan een verschil van miljoenen euro’s betekenen.

Plantdichtheid minder belangrijk dan licht en wietsoort

Ik zet al jaren grote vraagtekens bij de opbrengstberekening van justitie. Zo heb ik me bijvoorbeeld altijd afgevraagd hoe het kan dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen cannabisvarianten. Het maakt qua opbrengst nogal wat uit of je een Big Bud of een White Widow neerzet. De opdracht van de advocaat stelt mij in de gelegenheid om het onderzoek serieus aan te pakken. Omdat ik zelf geen plantkundige expertise heb, besluit ik het onderzoek samen met Wouter Vanhove van de universiteit van Gent te doen. De Gentse plantkundige heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de opbrengst van hennepplanten. Daaruit blijkt ondermeer dat de opbrengst per vierkante meter (of per lamp) niet afhankelijk is van het aantal planten (de plantdichtheid), maar van andere factoren waaronder licht en de wietsoort.

In ons rapport voor de advocaat maken we gehakt van het Wageningse onderzoek. Er blijkt werkelijk niets te kloppen van de berekening die al ruim tien jaar Nederlandse hennepzaken domineert

De opbrengstberekening van Justitie (28,2 gram/plant) is gebaseerd op een onderzoek van twee onderzoekers van de universiteit van Wageningen uit 2005. Samen met Vanhove probeer ik te achterhalen hoe de Wageningse onderzoekers tot hun berekening zijn gekomen. We vallen van de ene in de andere verbazing. In ons rapport voor de advocaat maken we gehakt van het Wageningse onderzoek. Er blijkt werkelijk niets te kloppen van de berekening die al ruim tien jaar Nederlandse hennepzaken domineert. Hoe is het in godsnaam mogelijk dat dit opbrengstmodel al die jaren als zoete koek is geslikt en niemand dit ooit heeft laten uitzoeken?

shutterstock_354999077

De ene wietplant is de andere niet en datzelfde geldt voor kwekers, licht, knipwerk et cetera… [foto: OpenRangeStock/Shutterstock]

Opbrengsten kunnen enorm verschillen

Het voert te ver om ons rapport hier tot in detail te bespreken. Op dit moment is het rapport ook nog niet openbaar omdat de ontnemingszaak van Huub nog voor moet komen. Wat ik er alvast over kan zeggen is dat de opbrengstberekening van justitie uitgaat van foute aannames. Inzichten uit recente onderzoeken maken duidelijk dat het Wageningse onderzoek achterhaald is. Een aantal factoren dat veel invloed heeft op de opbrengst is niet meegenomen in het onderzoek. Onderzoekers uit België en het Verenigd Koninkrijk hebben aangetoond dat naast licht ook de warmte- en luchtbeheersing, het voedings- en waterregime en de expertise van de hennepkweker veel invloed hebben op de uiteindelijke opbrengst. Daarnaast blijkt uit deze onderzoeken dat de kwaliteit van de stekken medebepalend is en dat opbrengsten van verschillende variëteiten enorm kunnen verschillen.

Dat is ook de ervaring van de medicinale telers in Groningen die al die factoren al jarenlang bestuderen. Zij wisten ons bovendien te vertellen dat het knip- en droogproces zeer bepalend is voor de uiteindelijke opbrengst. Behalve de lichtintensiteit, is geen van deze factoren meegenomen in het opbrengstmodel van justitie. Alles bij elkaar opgeteld betekent dit volgens ons dat het Wageningse opbrengstmodel de prullenbak in kan.

Kleine en grote wietkwekers

Om te beoordelen of de opbrengst per plant in grote kwekerijen lager uitvalt dan in kleine kwekerijen, hebben we ook nog wat extra berekeningen gedaan met de data die de Wageningse onderzoekers hadden verzameld. Daar komt inderdaad uit naar voren dat de opbrengst per plant daalt naarmate de omvang van de kwekerij toeneemt. Kleinschalige kwekers komen er dus in principe goed vanaf bij de huidige opbrengstberekening. Maar voor grootschalige kwekers als Huub is deze opbrengstberekening absoluut onbruikbaar.

Ik ben benieuwd of de rechter onze conclusies overneemt. Wordt vervolgd!

[openingsfoto: paul geilfuss/Shutterstock]
(advertenties)