(advertentie)
(advertentie)
(advertenties)

Je zou het niet zeggen maar de temperatuur en de luchtvochtigheid zijn net zo belangrijk voor wietplanten als de kweeklamp die erboven hangt. In dit artikel laten we zien hoe je dampdrukdefecit (VPD) gebruikt om de juiste temperatuur bij de juiste luchtvochtigheid te regelen, tijdens elke levensfase van je plant. 

Dampdrukdeficit of vapour pressure deficit (VPD) is in het begin wat lastig te begrijpen maar we zullen het je zo duidelijk mogelijk proberen uit te leggen. Vanaf het moment dat je er namelijk mee gaat werken, zul je zien dat je planten aanzienlijk beter groeien en bloeien. Bij de juiste VPD waarde zijn bladeren mooi groen, stevig en wijzen ze trots omhoog. Het maakt ook een einde aan opkrullende of uitgedroogde bruine bladeren in de bloeifase, en houdt bloeiharen zo lang mogelijk fris en wit!

De juiste VPD waardes houden wietplanten gezond tot aan de oogst.

Dampdrukdeficit (VPD)

Het loont dus zeer de moeite om je in de VPD te verdiepen en de optimale temperatuur en luchtvochtigheid voor je planten te regelen, in elke levensfase. Maar wat is dampdrukdeficit precies, laten we daarmee beginnen.

Zoals je misschien weet staat de luchtvochtigheid in direct verband met de temperatuur, en daarom spreken we ook over relatieve luchtvochtigheid. Warme lucht kan immers meer vocht vasthouden dan koude lucht. Wanneer warme vochtige lucht dan ook afkoelt dan kan vocht uit de lucht neerslaan. Denk aan condenswater op ramen bijvoorbeeld, of dauw op het gras ’s ochtendsvroeg.

Nou, dampdrukdeficit is het verschil tussen de hoeveelheid vocht in de lucht, en de hoeveelheid vocht dat de lucht maximaal kan vasthouden. Voor wietplanten is dat verschil belangrijk, omdat het bepaalt hoeveel vocht een plant verdampt bij een bepaalde temperatuur. De verdamping bepaalt vervolgens ook hoeveel vocht en dus voeding er bij de wortels wordt opgenomen.

De temperatuur staat in relatie met de luchtvochtigheid. Daarom spreken we over relatieve luchtvochtigheid. Foto: Phoric, Shutterstock

Maar zoals bij alles in het leven van een wietplant, moeten ook de luchtvochtigheid en de temperatuur in balans zijn. Is het te heet en te droog dan sluiten de huidmondjes zich bijvoorbeeld en komt de verdamping uiteindelijk tot een stilstand. Is het te koud en te nat dan gebeurt er ook niet veel. De plant zou wel willen verdampen maar de lucht is verzadigd.

Het is met andere woorden belangrijk om de luchtvochtigheid en de temperatuur in een goede balans te houden. Dat niet alleen maar iedere levensfase van de wietplant vraagt ook om andere waardes, maar de luchtvochtigheid moet altijd in balans zijn met de temperatuur. De dampdrukdeficit geeft je een veilige marge waarbinnen je plant optimaal presteert. Kijk maar eens op de onderstaande kaart.

Een VPD kaart lezen

Hieronder zie je een zogenaamde VPD kaart voor cannabisplanten. In de linkerkolom staat de temperatuur en op de horizontale as staat de luchtvochtigheid. Bij elke temperatuur en luchtvochtigheid zie je in de kaart de VPD waardes in hectopascal. Let op: sommige kaarten tonen de waardes ook in kilopascal wat feitelijk betekent dat de komma bij iedere waarde een plaats naar links opschuift. 1 kilopascal is namelijk 10 hectopascal.

Een VPD kaart voor cannabis. Hou de VPD waarde in het groen, maar houd ook rekening met de levensfase van wietplanten.

Op de VPD kaart zie je de optimale VPD waardes waarbinnen je moet blijven in het groen. De gele vlakken geven de minimaal en maximaal aanbevolen VPD waardes aan, en bij de VPD waardes in de rode vlakken is de lucht ofwel te vochtig ofwel te droog voor wietplanten. Wanneer de temperatuur in je kweekruimte bijvoorbeeld 27 graden is dan is de luchtvochtigheid volgens de kaart idealiter tussen de 85 en 70%.

Optimale VPD waarde per levensfase

Dat is echter nog niet het hele verhaal, want wietplanten hebben verschillende VPD behoeften in verschillende levensfasen. Ook is een luchtvochtigheid boven de 70% überhaupt af te raden, in verband met de werking en levensduur van je koolstoffilter. We moeten dus niet alleen blind de kaart hanteren maar ook weten wat de optimale VPD waarden per levensfase van wietplanten zijn.

Gemiddeld genomen ligt de optimale VPD waarde voor wietplanten ergens tussen de 5 en 14 hectopascal (0,5 en 1,4 kilopascal). Zoals je weet maken wietplanten echter verschillende levensfases door, en is een hogere luchtvochtigheid tijdens de groeifase en een lagere luchtvochtigheid tijdens de bloeifase gewenst. Per fase kunnen we dan ook de volgende VPD waardes aanraden.

VPD waarde voor stekken en ontkiemde zaadjes

Omdat stekken nog geen wortels hebben moet je door middel van een hogere luchtvochtigheid voorkomen dat er veel vocht verdampt. Hiervoor mik je idealiter voor een lage VPD waarde tussen de 5 en 7 hectopascal. Dit geldt ook voor zaailingen die nog niet geworteld zijn. Zodra een zaailing geplant is is zo’n hoge luchtvochtigheid echter niet meer nodig omdat de zaailing dan water kan opnemen via het worteltje.

VPD waarde voor wietplanten in de groeifase

In de groeifase hebben wietplanten wortels en hoeft de luchtvochtigheid niet meer zo hoog te zijn als voor stekken. En dus kan de VPD wat omhoog naar zo’n 7 tot 10 hectopascal (0,7 tot 1 kilopascal). Door dit te doen zal je merken dat wietplanten ook wat meer water en voeding zullen opnemen. Let wel op dat je de VPD niet te veel verhoogd want dan kunnen de huidmondjes zich sluiten en kunnen je planten minder CO2 opnemen.

VPD waarde voor wietplanten in de bloeifase

In de bloeifase kunnne wietplanten een vrij hoge VPD hebben van 10 tot 14 hectopascal (1 tot 1,4 kilopascal). De toppen van wietplanten zijn echter gevoelig voor een hoge luchtvochtigheid en kunnen dan toprot ontwikkelen. Daarnaast stimuleert een lage luchtvochtigheid de aanmaak van trichomen, terpenen en THC. Probeer daarom de luchtvochtigheid zo laag mogelijk te houden, terwijl je toch de VPD waarde verhoogt.

Elke fase vraagt om een andere VPD waarde maar hou daarbij rekening met de aanbevolen luchtvochtigheid. Foto: Plateresca, Shutterstock

De VPD waarde aanpassen

Allemaal leuk en aardig die ideale VPD waardes, maar hoe pas je de VPD waarde eigenlijk aan? Dat kan zoals je misschien al vermoedt middels de temperatuur en de luchtvochtigheid maar ook door de lichtintensiteit aan te passen.

Temperatuur

Om de VPD waarde via de temperatuur te verhogen kun je een kachel aanzetten (of je airco uitzetten als je die gebruikt). Door de lucht op te warmen kan die meer water vasthouden, wat resulteert in een hogere VPD waarde. De VPD verlagen middels de temperatuur is wat lastiger want daarvoor moet je de lucht kouder maken met een air conditioner.

Luchtvochtigheid

De VPD waarde verhogen via de luchtvochtigheid kan met behulp van een luchtontvochtiger. Omdat de lucht minder vocht bevat zal de VPD stijgen. Omgekeerd zal een luchtbevochtiger of in een kleinere ruimte een paar bakjes met water neerzetten, de VPD waarde verlagen. De lucht bevat daardoor immers meer vocht.

Lichtintensiteit

Als je een dimmer op je kweeklamp hebt, dan ben je gezegend als het op VPD waardes aankomt. Maar je kunt de lichtintensiteit op je planten ook aanpassen door de lamp te verhogen of te verlagen. Verlaag je de lamp, of voer je het vermogen op, dan stijgt ook de bladtemperatuur. Dit resulteert in een hogere VPD waarde. Verhoog je de lamp of dim je die, dan verlaag je de bladtemperatuur en verlaag je de VPD waarde.

Een laser thermometer is handig om de bladtemperatuur nauwkeurig te meten. Ze zijn gelukkig niet duur. Foto: Pradpriew, Shutterstock

Het belang van een goede meting

Tenslotte is het belangrijk om nauwkeurig en op de juiste manier te meten als je met de VPD gaat werken. Het is ook aan te raden om een laser thermometer aan te schaffen om de bladtemperatuur nauwkeurig te kunnen meten. Gelukkig zijn deze niet erg duur (vanaf ongeveer €30,-) en gemakkelijk verkrijgbaar. Verder is het belangrijk om op bladhoogte en in het bladerdek te meten zodat je de waardes krijgt die de plant ook voelt.

De temperatuur en luchtvochtigheid meet je bij voorkeur in het midden van je kweekruimte en ter hoogte van het bladerdek. Zorg ervoor dat de thermometer niet in het licht hangt. Voor grote ruimtes is het raadzaam om op meerdere plekken te meten zodat verschillen snel opgemerkt worden. De waardes zouden overal min of meer gelijk moeten zijn, dus een goede luchtcirculatie en lichtverdeling is ook van belang.

[Openingsfoto: Daniel Mendora, Shutterstock]
(advertenties)