- Column • Temper de ‘THC race’ in wietsoorten
- Wietplanten perfect water geven met een weegschaal
- De 10 populairste wietsoorten van Nederland 🥦
- Onderzoek: geluid van regen helpt zaadjes sneller ontkiemen
- Shaman: paarse buitenwiet speciaal voor Nederland en België
- Buitenwiet test ’26 update #7: de Gorilla’s gaan hard! (behalve bij Bart)
Column • Temper de ‘THC race’ in wietsoorten

De CEO van één van de telers in het wietexperiment vertelde me laatst dat hij een zakje wiet van een concurrent had gezien met – volgens de verpakking – een THC gehalte van 37 procent. Hij was niet de eerste die twijfelt aan de betrouwbaarheid van de THC percentages en de testresultaten in het experiment.
Etiketten zonder al te veel inhoud
Zoals bekend zijn de regels van het experiment zeer streng en gedetailleerd. De telers mogen maar één voorgeschreven lettertype gebruiken op hun verpakkingen. Logo’s zijn absoluut verboden en naast vier waarschuwingssymbolen en twee QR-codes, moeten het THC- en CBD-percentage op de verpakking worden vermeld.
Dat lijkt op het eerste gezicht prima. Maar omdat het vermelden van de “ouders” van de soort op de verpakking verboden is en er niets staat over terpenen, zeggen die twee verplichte percentages maar weinig over de wiet die in het zakje of potje zit.

Rommelen met de THC-percentages
De beperkte informatie draagt bij aan een THC race, iets dat ik van meerdere telers heb gehoord. Een soortje kan nog zo goed zijn, vertelde een teler, als het THC-percentage onder de twintig zit, kopen de coffeeshops het niet of nauwelijks in.
Je kunt je voorstellen dat de verleiding om met het percentage te rommelen in zo’n situatie groot is.

De laboratoria die de cannabis testen, moeten een ontheffing hebben op grond van de Opiumwet. De telers moeten van elke batch een monster bewaren voor de NVWA, de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit.
Voor zover ik weet zijn de data van de labs en de NVWA niet openbaar. Het is dus onbekend of er vaak verschil zit tussen testuitslagen van de labs en testuitslagen van Wageningen Food Safety Research, die in opdracht van de NVWA test.

Consument wordt onwetend gehouden
We weten dat het THC-gehalte van een topje onder in een cannabisplant flink kan verschillen van dat van een hoofdtop bovenin, die veel meer licht heeft gekregen. We weten ook dat THC wordt omgezet in andere stoffen naarmate de tijd verstrijkt.
Nog belangrijker is dat het THC-percentage de consument niet echt helpt bij het maken van een keuze. Maar als consumenten niet kunnen kiezen op basis van de “stamboom” van een soort, percentages terpenen of een omschrijving van het te verwachten effect, dan is het niet verwonderlijk dat ze kiezen op basis van wat wél wordt vermeld: het THC percentage.

Minder regels, meer informatie a.u.b.
De wetgever stimuleert dus, onbedoeld waarschijnlijk, de THC race. De strenge regelgeving beperkt de informatievoorziening aan de consument, terwijl betrouwbare productinformatie juist een van de grote voordelen van regulering is.
Zowel telers als coffeeshops klagen ondertussen steen en been over het track & trace systeem en de grote hoeveelheid handelingen die daarvoor nodig is. Het kan toch niet heel moeilijk zijn om die regeldruk te verlagen en de informatievoorziening aan de consument te verbeteren via één van de QR-codes op de verpakking?

Laat consumenten weten wat voor kruising ze kopen, welke terpenen er in welke hoeveelheden in zitten en op welk medium de plant is geteeld.
En vermeld voor de gehaltes THC en CBD geen cijfer, maar een bandbreedte. Dat komt per definitie meer met de werkelijkheid overeen en helpt om de THC race te temperen.





































































