(advertentie)
(advertentie)
(advertentie)

De ’top terps’ wietplanten van onze Bio Bertje worden groter en groter en zijn bijna volwassen. Aangezien het verschillende nieuwe soorten zijn, let Bertje deze keer extra goed op eventuele mannelijke planten en hermafrodieten. Hij legt je uit hoe je die snel kunt herkennen, voordat ze hun stuifmeel verspreiden en je vrouwelijke planten bevruchten. 

Hoi, lieve lezers, het gaat top met de ’top terps’! Alle acht de planten groeiden heel mooi verder in week zes, en hebben nu dan ook veel zijtakken en mooie grote bladeren. Ze vullen inmiddels bijna het hele oppervlak van mijn Homebox kweektent en hebben een mooie donkergroene kleur. De donkergroene kleur van de planten is een teken van gezondheid. Mooie groene planten krijgen voldoende voeding en zetten het licht goed om in energie voor de groei (fotosynthese).

De BioTabs voeding werkt uitstekend en bespaart me zoveel tijd! Ik hoef geen pH-waarde en EC-waarde meer te meten omdat de voeding wat dat betreft zelfregulerend is. Ik geef dan ook alleen puur kraanwater en geen duppel pH-min of iets dergelijks. Ideaal!

De twee EVO4-120 LED-lampen van SANlight zijn nu niet meer gedimd (zie de 3 groene lichtjes op de dimmer op de foto) en hangen 70 centimeter uit elkaar. Ze zijn daarnaast ook 11 graden naar binnen gedraaid en schijnen hun licht vanaf 30 centimeter boven de planten. Op deze manier opgehangen valt het meeste licht op het effectieve kweekoppervlak van 120 x 120 centimeter.

Geslachtsherkenning bij wietplanten

Omdat ik veel nieuwe genetica gebruik, moet ik vanaf nu beginnen om regelmatig het geslacht van de planten te checken (zie de video onderaan dit artikel). Het is belangrijk dat ik mannetjes en/of hermafrodiete planten op tijd herken en uit de tent verwijder, voordat ze stuifmeel loslaten. Als ze dat wel doen dan bevruchten ze namelijk alle vrouwelijke planten, en heb ik straks allemaal zaad in mijn wiet.

Het geslacht van een cannabisplant herken je aan de vruchtbeginsels die uit de vertakkingen (nodes) van de plant groeien. Ik kijk op de stam van de plant, op het punt waar een zijtak groeit. Dit noem je een node en ik noem het een oksel. Op deze plek begint bij vrouwelijke planten de groei van de vrouwelijke bloemen, en bij mannelijke planten een rond knopje op een steeltje.

Het vrouwelijke vruchtbeginsel herken je aan de twee witte haartjes die uit het druppelvormige bloempje groeien in de oksel van de plant. Op het moment dat je ergens witte haartjes op je plant kunt zien, weet je zeker dat het een vrouwelijke plant is.

De mannelijke vruchtbeginsels herken je aan een klein steeltje waarop een balletje (knopje) groeit. Ook deze ontstaan het eerste in de nodes of oksels van de zijtakken. Ook het feit dat er geen witte haartjes uit de ballen groeit vertelt je dat je met een mannelijke plant te maken hebt.

Als de mannelijke knop zich verder ontwikkelt begint het een beetje aan zijn steeltje te hangen en kan het zich openen. Dan kun je de binnenkant van het bloempje zien, dat bestaat uit vijf gele banaanvormige stampers. Op deze ‘banaantjes’ zit het stuifmeel en dat verspreid zich ook meteen zodra de knop open gaat.

Omdat één klein mannelijk knopje al duizenden stuifmeelkorrels bevat, en het meteen een hele tent kan bevruchten, moet je zeker voorkomen dat een mannetje zover komt. Op het moment dat ik zeker weet dat ik ergens een mannelijk knopje heb haal ik de hele plant weg. Ik knip hem onder aan de stam af, en stop hem in een plastic zak en gooi hem bij het afval. Zo weet ik zeker dat hij geen vrouwelijke planten zal bevruchten.

Nu is het afwachten tot de eerste witte haartjes ontstaan, en ik zeker weet welke planten vrouwelijk zijn.

Tot volgende keer, Bio Bertje

(advertentie)