(advertentie)
(advertentie)
(advertentie)

Wietplanten binnen genieten van een heerlijk zonnetje van je kweeklamp, een aangenaam temperatuurtje en een heerlijk briesje. Maar te veel van het goede kan ook schade veroorzaken. Uitgedroogde bladeren door te veel licht, warmte of voeding is bij de meeste kwekers wel bekend maar windschade is ook iets om rekening mee te houden. Windschade dus, en hoe je het kunt voorkomen.

Net als een te hoge temperatuur en te veel licht, kan te veel wind bij wietplanten ook voor verdorring zorgen. Het is een vorm van stress waar wietplanten op reageren door hun bladeren naar beneden te laten krullen. En in het slechtste geval zorgt te veel wind ervoor dat bladeren vanuit de puntjes en de bladranden uitdrogen en verdorren. Laat het niet zo ver komen want zulke windschade is onomkeerbaar. Het goede nieuws is echter dat je het gemakkelijk kunt voorkomen.

De oorzaak van windschade

Wietplanten hebben wind (luchtcirculatie) nodig. De wind zet takken en bladeren in beweging waardoor stammen sterker worden. Daarnaast voert de wind verse lucht met CO2 aan, en koelt de lucht de planten. Buiten zullen bladeren van wietplanten maar zelden windschade oplopen, al kunnen takken natuurlijk wel afbreken tijdens een storm. Dit komt omdat de wind buiten constant van richting en windkracht verandert, en bladeren dus steeds de kans krijgen om te herstellen van een korte periode met veel wind.

Te veel wind kan wietplanten ernstig doen uitdrogen. Foto: Cascade Creatives, Shutterstock

Binnen komt windschade helaas veel vaker voor. Het wordt veroorzaakt door ventilators die te hard blazen, op een verkeerde plaats worden geplaatst, of te dicht bij de planten staan. Als het gebeurt kunnen bladeren uitdrogen en omlaag krullen, en zal de groei vertragen. Doe je er niets tegen dan kun je op een de lange termijn zoveel blad verliezen dat het een goede groei en bloei van je planten verhindert.

Wanneer je windschade snel herkent en de oorzaak verhelpt, dan valt de schade meestal mee en hoef je niet veel blad te verliezen. Als het goed is ontdek je het probleem al in de groeifase, waardoor de planten nog voldoende kans hebben om wat extra blad aan te maken en te herstellen. Mocht je denken dat je planten toch te veel blad zijn verloren door windschade, dan kun je ze simpelweg wat langer in de groeifase laten staan, om de schade te herstellen. Uiteraard gaat dit niet op voor autoflowers, aangezien die vanzelf in bloei zullen gaan.

Windschade voorkomen

Wietplanten hebben zoals gezegd wind nodig, dus je kúnt simpelweg niet zonder luchtcirculatie. Windschade voorkomen begint dan ook door je wietplanten wat ruimte te geven. Op deze manier kan je ventilator de lucht gemakkelijk door de takken blazen, zonder dat je hem op standje orkaan hoeft te zetten.

Richt een ventilator niet direct op wietplanten, en plaats hem niet te dichtbij, vooral bij jonge planten. Foto: Cactuss, Shutterstock

Vervolgens is het belangrijk dat je de ventilator(s) goed plaatst, en dat begint al heel vroeg in de levensfase van wietplanten. Zaailingen en jonge stekken zijn namelijk teer, en kunnen nog niet goed tegen veel wind. Richt je ventilator tijdens de eerste twee weken daarom nooit direct op je jonge planten, maar van de plantjes af, richting de wanden van je kweekkast of -tent. Zo is er voldoende luchtcirculatie zonder dat de bladeren uitdrogen door een directe luchtstroom.

Wanneer de eerste fase voorbij is, kun je de windkracht langzaam opvoeren. Zet je ventilator in het begin op de langzaamste stand en gebruik bij voorkeur een zwenkventilator, zodat de lucht niet constant op één plant gericht is. Indien je geen zwenkventilator hebt, bijvoorbeeld omdat daar geen ruimte voor is, richt de luchtstroom dan niet direct op de planten en verplaats/draai hem regelmatig. Probeer de luchtstroom indirect op je planten te laten blazen. Dus net boven het bladerdek of via een van de zijwanden van je kweekruimte. Het is de bedoeling dat de bladeren zachtjes bewegen in het briesje.

In een kleine kweekruimte creëer je vaak de beste luchtstroom met meerdere kleine ventilators. Foto: Andrey Plotnikov, Shutterstock

De beste luchtstroom krijg je met meerdere kleine ventilators, zodat planten van alle kanten belucht worden. Wanneer je ventilator te hard blaast, bijvoorbeeld in een poging om met één ventilator alle planten in beweging te zetten, zullen de bladeren die te dicht bij de fan groeien uitdrogen. Een goede verdeling van toppen en een goed geplaatste en eventueel gedimde ventilator voorkomt windschade.

(advertenties)