- Zzz-dossier • Zo beïnvloedt cannabis – vooral THC – slaap en dromen!
- Van binnen- naar buitenwiet: Dokter Groen plant zijn volgende zet
- Zorgt UV-licht nou wel of niet voor meer THC? 70 studies geanalyseerd
- Hoe beoordeelt de jury van de HighLife Cup jury de wietproef-telers?
- Hoe veredeling cannabis veranderde & zo maak je een Europees landras!
- De K.I.S.S. kweekmethode: Keep It Simple …Stupid! ❤
Wietplant hermafrodiet? Herken de eerste signalen & weet wat te doen

Een hermafrodiete wietplant ontwikkelt zowel vrouwelijke als mannelijke bloemen, en kan zichzelf én andere wietplanten bevruchten, zodat de oogst vol met zaad groeit. Dat klinkt alarmerend, maar met een snelle diagnose en aanpak hoeft het geen ramp te worden. We laten je zien uit hoe je de eerste signalen herkent, wat de oorzaken zijn, en wat je stap voor stap kunt doen.
Hermafrodiete wietplanten komen bij uitzondering voor, en vaker bij feminiseerde wietzaden dan bij reguliere wietzaadjes. Door de manier waarop ze gemaakt worden, zijn gefeminiseerde wietzaadjes namelijk iets gevoeliger voor stress en als gevolg kunnen ze dan hermafrodiet worden. Maar wie vroeg in de bloeifase begint met inspecteren, kan in de meeste gevallen op tijd ingrijpen.
🌱 Wat is een hermafrodiete wietplant? Cannabis is normaal gesproken tweehuizig: mannetjes maken pollenzakjes (mannelijke bloemen eigenlijk), vrouwtjes maken toppen (vrouwelijke bloemen). Een hermafrodiete wietplant doet allebei tegelijk. Dat betekent dat de plant zowel zichzelf kan bevruchten én omliggende vrouwelijke planten kan bestuiven, waardoor je oogst vol met zaden komt te zitten.
Een hermafrodiete wietplant maakt zowel vrouwelijke toppen met THC, als mannelijke bloemetjes met stuifmeel.
Foto: Shutterstock
Waarom wordt een wietplant hermafrodiet?
De oorzaak ligt in de genetica, stress of een combinatie van beide. Genetisch instabiele lijnen of slecht geproduceerde feminiseerde zaden dragen een verhoogd risico; bij de minste stress of tegenslag produceren ze mannelijke bloemknoppen. Maar ook een verder stabiele wietplant kan omslaan als de omstandigheden te hard schommelen.
De meest voorkomende stresstriggers zijn lichtlekken tijdens de donkerperiode, hittestress, onregelmatig water geven, voedingsfouten, en te zwaar snoeien op het verkeerde moment. De bloeifase is uiteraard het gevoeligst: een plotselinge verandering in het lichtschema of een hittepiek in de eerste bloeiweken is soms genoeg om een plant over de rand te duwen.
Drie vormen van hermafroditisme
Verder zijn er eigenlijk 3 vormen van hermafroditisme bij wietplanten. Het zijn eigenlijk verschillende vormen waarop de mannelijke bloemen geproduceerd worden. Bij de eerste vorm ontstaan de mannelijke knopjes tegelijk met de eerste vrouwelijke bloeiverschijnselen, en groeien die eigenlijk alleen onder de oksels van de zijtakken.
Deze mannelijke bloempjes kun je verwijderen als je ze op tijd ziet. Als je ze allemaal weet te vinden kun je gewoon verder bloeien alsof er niets aan de hand is. De moeilijkheid is echter dat je dat nooit zeker weet en een paar knopjes die je over het hoofd hebt gezien, alsnog je hele oogst kunnen verpesten.
Bij de tweede vorm van hermafroditisme zitten de toppen gewoon helemaal vol met mannelijke bloemknopjes. Verwijder dit soort herma’s onmiddelijk zodra je ze ziet, want er is niets tegen opgewassen. Een wietplant met deze vorm van hetmafroditisme zal 100% zeker al je vrouwelijke wiet bestuiven.
De derde vorm van hermafroditisme is het minst schadelijk voor je oogst. Deze vorm is eigenlijk ook niet echt hermafroditisme maar meer een voortplantingsstrategie. Sommige wietplanten raken namelijk een beetje van de leg als ze na een week of 6, 7 bloeien nog niet bevrucht zijn. Ze voelen aan alles dat hun tijd er bijna op zit, en willen zich toch nog graag voortplanten.
Omdat er blijkbaar geen mannelijke wietplanten in de buurt zijn produceert zo’n wietplant dan op het laatste zelf maar wat stuifmeel. Dit doet ze door enkele losse mannelijke stampers te produceren, en geen bloemknoppen. De losse mannelijke stampers groeien uit de toppen zelf en lijken qua kleur en vorm een beetje op banaantjes, en zo worden ze door kwekers dan ook genoemd.
Deze banaantjes produceren wel een klein beetje stuifmeel, maar het is eigenlijk een kwestie van too little too late voor deze ‘banaantjes’. Je hoeft dus ook niet bang te zijn dat je hele oogst verloren gaat aan deze vorm van hermafroditisme. Soms vind je na een ronde met banaantjes een enkel zaadje hier en daar in je wiet.

Op deze foto zie je een duidelijk trosje ‘banaantjes’. Meestal zie je maar 1 of 2 banaantjes bij elkaar.
Vroege signalen: dit zijn de waarschuwingstekens
Vroeg ontdekken maakt het verschil, dus controleer je planten dagelijks zodra je de klok naar 12/12 hebt omgezet. Concentreer je dagelijkse inspectie op de nodes. Dit zijn de plekken waar zijtakken aan de hoofdstam zitten. Let ook goed op de onderkant van de plant, waar weinig licht komt. Kijk ook diep in de toppen in wording, want juist daar kunnen de eerste mannelijke delen verschijnen als het om de tweede vorm van hermafroditisme gaat.
Wat je zoekt: kleine, gladde, ronde knopjes op korte steeltjes. Ze zien er net even anders uit dan de vrouwelijke calyxen, die meer druppelvormig zijn en waaruit altijd twee witte stampers (bloeihaartjes) groeien.
💡 Calyx of pollenzakje? Een vrouwelijke calyx is druppelvormig en puntig, met twee witte bloeihaartjes die uit de puntige kant van de calyx groeien. Een pollenzakje is gladder en ronder, denk aan een minuscuul groen druifje. Twijfel je? Maak een close-up foto en vergelijk die met referentiebeelden. Gebruik goede verlichting; bij TL of daglicht zie je de details beter dan onder groei-LED’s.
De mannelijke bloemknopjes zijn soms lastig te zien. Kijk goed in de oksels van de zijtakken (nodes), en kijk ook diep in de topjes in wording.
Foto: Shutterstock
Let ook goed op de bloeiharen gedurende de hele bloeifase. Als die op bepaalde plekken ineens voortijdig verschrompelen en bruin worden, dan kan het zijn dat die bloeiharen door stuifmeel bevrucht zijn. Kijk in dat geval goed of je de boosdoener (mannelijke bloemetjes dus) kunt vinden.
Hermafrodiet, mannetje of gewoon een vrouwtje?
Een mannetje is relatief makkelijk te herkennen: al snel na de bloeiomschakeling naar 12/12 verschijnen er duidelijke trossen met pollenzakjes bij de nodes, en de plant maakt geen dichte bloemtoppen. Een hermafrodiet is lastiger, omdat die soms wekenlang als een normaal vrouwtje oogt, en dan pas op één of enkele plekken knopjes (of banaantjes) toont – soms alleen onderaan of diep in een top.
Vrouwelijke calyxen die opzwellen zijn normaal en geen reden tot zorg. Ze worden groter, de witte stampers blijven zichtbaar, en er verschijnen geen ronde bolvormige structuren zonder haren. Als je die bolle knopjes wél ziet, naast of tussen de calyxen, is nader onderzoek nodig.
Wat doe je als je een hermafrodiet vindt?
Snel handelen is de boodschap, want één open pollenzakje kan een hele tent bestuiven. Doe het volgende zodra je mannelijke delen ziet:
1. Stop de luchtcirculatie rondom de verdachte plant en besproei hem licht met water – stuifmeel is minder levensvatbaar als het nat is, en kan dan ook niet zo makkelijk rondstuiven. 2. Verwijder zichtbare mannelijke knopjes en banaantjes (‘nanners’) voorzichtig met een schone pincet. 3. Zie je meerdere knopjes, banaantjes, of reeds geopende zakjes? Verwijder de plant dan direct – pak hem in voordat je hem door de tent draagt. 4. Heb je een mild geval met één of twee banaantjes laat in de bloei? Dan is er geen reden tot paniek. Eventueel kun je de plant isoleren als je bang bent dat je andere planten bestoven worden. 5. Controleer buurplanten op mannelijke knoppen en maak de oppervlakken in de ruimte schoon.
Kan je een hermafrodiete plant nog redden?
Soms wel, maar niet altijd. Enkele banaantjes zijn zogezegd geen al te groot probleem. Zodra er echter meerdere mannelijke knopjes op verschillende plekken groeien, of als je geopende knoppen aantreft, is de hele plant verwijderen bijna altijd de slimste keuze. De rest van je oogst heeft simpelweg meer te verliezen dan die ene plant te winnen heeft.
Als je er vroeg bij bent (zodra de bloeifase begint) en je hebt te maken met de eerste vorm van hermafroditisme waarbij de knopjes alleen in de oksels van de zijtakken groeien, dan kun je proberen om alle mannelijke knoppen te verwijderen voordat ze open gaan. Als je alle knoppen weet te vinden heb je je plant gered. Mis je er echter een paar, reken dan maar alvast op een oogst die vol zit met zaad.
Wat doe je met de oogst?
Herma-wiet is niet onveilig en kan gewoon heel lekker zijn, maar de kwaliteit loopt terug naarmate er meer bevruchting heeft plaatsgevonden. De plant steekt energie in zaadproductie in plaats van hars en terpenen. Een licht aangetaste plant met een paar losse zaadjes kun je gewoon roken. Al moet je de zaden er natuurlijk wel eerst uit peuteren want die smaken ontzettend vies. Een zwaar bevrucht exemplaar met veel zaden kun je daarom beter gebruiken om hasj of edibles van te maken.
Zo voorkom je herma’s (voor zover mogelijk)
Begin met stabiele genetica van een betrouwbare zaadbank – dat is de makkelijkste winst. Houd je lichtschema strak en consistent en elimineer lichtlekken tijdens de donkerperiode; dit is de meest voorkomende trigger. Houd temperatuur en luchtvochtigheid stabiel, geef water op vaste momenten, en ga voorzichtig om met ingrijpende trainingstechnieken in de bloeifase.
Inspecteer de planten regelmatig in de eerste bloeiweken. Vroeg ontdekken geeft je de meeste opties. En als het toch mis gaat: probeer te achterhalen waaraan het lag, en gebruik die informatie bij de volgende run. Consistentie, goede genetica en vroege controles zijn de drie pijlers tegen herma’s in je kweektent.









































































