(advertentie)
(advertentie)
(advertenties)

‘Grotere onzin heb ik sinds lange tijd niet gelezen’, schrijft advocaat Maurice Veldman. Hij zegt ’t in verband met de verplichting die de overheid aan coffeeshops wil opleggen om te gaan controleren op THC-gehalte. Een onderbouwd pleidooi tegen dit onmogelijke voorstel.

Mr. Veldman: De THC-regel in theorie en in de coffeeshop praktijk

Het afgelopen jaar bedroeg het THC gehalte van cannabis volgens het Trimbos instituut 13,5%. Dit zou tot de conclusie moeten leiden dat het invoeren van de maatregel dat in coffeeshops geen cannabis mag worden verkocht van meer dan 15% zinloos en overbodig is. Helaas komt de lezer bedrogen uit. Er wordt krampachtig vastgehouden aan de voorgestelde maatregel. Deze zinloze maatregel riep een groot aantal vragen op bij verschillende politieke partijen die de minister onlangs heeft geprobeerd te beantwoorden. Deze antwoorden leidden tot een potsierlijke bloemlezing van elkaar tegensprekende beweringen. Enkele uitspraken van de staatssecretaris wil ik de lezer niet onthouden.

Onze favoriete minister in een van de vele internetpersiflages die er over de beste man de ronde doen...

Onze favoriete minister in een van de vele internetpersiflages die er over de beste man de ronde doen…

Kamerleden van D66 vroegen de minister of coffeeshophouders cannabistelers niet aanzetten tot uitlokking als zij telers vragen om cannabis te telen met een THC gehalte van minder dan 15 %. Het antwoord was veelzeggend: “Aan illegale producten kunnen geen eisen van kwaliteitscontrole worden verbonden.”

Kennelijk heeft de verwarring flink toegeslagen in dit ministerie. De veelbesproken en omstreden maatregel waarmee coffeeshophouders worden verplicht geen cannabis te verkopen met een THC gehalte van meer dan 15% is per definitie en zelfs uitsluitend een voorschrift dat een eis formuleert van kwaliteitscontrole. Dat is geen punt van discussie. Toch houdt de staatssecretaris vol: “Cannabis is een bij wet verboden middel. De overheid kan derhalve geen eisen stellen aan dat middel.”

De wartaal wordt compleet

De wartaal wordt compleet als het gaat over de handhaving. Gevraagd werd of de coffeeshophouder meetapparatuur voorhanden mag hebben. Dergelijke apparatuur valt immers onder het verbod dat wordt beoogd met het wetsvoorstel dat voorbereidende handelingen van cannabisteelt strafbaar stelt.

Ja, dat mag, maar alleen in de coffeeshop, aldus de staatssecretaris. Daarbuiten is de eigenaar gewoon strafbaar. Dit betekent dat als de coffeeshophouder cannabis koopt waarvan het THC gehalte onbekend is hij een peperdure gaschromatograaf zal moeten aanschaffen waarmee hij het THC gehalte kan bepalen. Dit apparaat zal hij ook nog eens in zijn coffeeshop moeten hebben. Hij zal vervolgens ook een opleiding als laborant moeten volgen. Dat lijkt het métier van coffeeshophouder ruimschoots te buiten te gaan, maar daar is kennelijk helemaal niet over nagedacht.

Het gehalte aan CBD en THC kan alleen in een laboratorium worden vastgesteld, aldus de staatssecretaris in zijn reactie.

De staatssecretaris legt het voor de gewillige luisteraar nogmaals geduldig uit: “De leden van de fractie van de SP hebben gevraagd wie in Nederland in staat is het THC-gehalte vast te stellen. Naast het NFI zijn er een paar andere laboratoria in Nederland waar THC-metingen kunnen worden verricht, voor zover deze laboratoria daartoe op grond van de Opiumwet een ontheffing van de Minister van VWS hebben gekregen. Een dergelijke ontheffing wordt alleen verleend voor medicinale of wetenschappelijke doeleinden. Deze laboratoria zijn dus niet toegankelijk voor coffeeshops of telers.”

De coffeeshophouder moet een laboratoriumopstelling in huis halen om cannabis op sterkte te testen en handelt alleen strafbaar als hij cannabis van meer dan 15% heeft… geen apparatuur aanschaffen dus!

De coffeeshophouder zal dus een laboratoriumopstelling in zijn winkel moeten hebben. Maar een coffeeshophouder is geen chemisch laborant en beschikt niet over de vereiste specifieke deskundigheid om cannabis te testen op THC gehalte. Hoe kan de coffeeshophouder de THC regeling naleven en wordt dit door de toezichthouder gehandhaafd? Goeie vraag.

Het antwoord van de staatssecretaris luidt dat coffeeshophouders strafrechtelijk niets te verwijten valt als zij cannabis voorhanden hebben van meer dan 15% THC. Dat wordt alleen anders als sprake is van bijkomende omstandigheden. Nu wordt het allemaal nog veel vager, vooral als we lezen wat deze bijzondere omstandigheden zijn: “Kennis en ervaring van coffeeshophouders met betrekking tot de sterkte van de door hen verkochte cannabis en de mogelijke beschikbaarheid van apparatuur en andere meetmethoden, waarmee een redelijke en relevante indicatie van het THC-gehalte kan worden gekregen.”

Er valt niets te handhaven

Ziet de coffeeshophouder van de toekomst er zo uit?

Ziet de coffeeshophouder van de toekomst er zo uit?

Grotere onzin heb ik sinds lange tijd niet gelezen. Als ik het goed begrijp moet de hedendaagse coffeeshophouder een laboratoriumopstelling in huis halen om cannabis op sterkte te testen en handelt hij alleen in dat geval strafbaar als hij cannabis van meer dan 15% heeft. Dus geen apparatuur aanschaffen lijkt me. Er valt in dat geval niets te handhaven omdat er geen strafrechtelijk verwijt te maken valt.

Hier gaat justitie pijnlijk onderuit. Het College van Procureurs-Generaal heeft de THC plannen al naar de prullenbak verwezen en gezegd niet te willen handhaven. In handhaving heeft ook de politie geen zin, afgezien nog van de vraag hoe deze maatregel zal moeten worden gehandhaafd.

Het Nederlands Forensisch Instituut is de enige aangewezen organisatie die cannabis op sterkte moet testen. Het NFI onderzoekt momenteel geen cannabis omdat de capaciteit ontbreekt. De wachttijden voor DNA en andere onderzoeken zijn al onwenselijk lang en dan spreken we over ernstige misdrijven. Desgevraagd reageerde het NFI met de mededeling dat het een erg moeilijk onderzoek is om het THC-gehalte met voldoende zekerheid te bepalen. De huidige testen beperken zich tot de vraag óf een product THC bevat. Dat is een eenvoudige test, maar het bepalen van een percentage THC is erg lastig. Gaschromatografisch onderzoek is een chemisch proces waarbij veel specifieke deskundigheid vereist is.

Geen extra geld

Dit kan beslist niet worden verwacht van gemiddelde coffeeshophouder. Mocht het NFI opdracht krijgen cannabis te testen dan moet het ministerie aangeven welke onderzoeken die momenteel worden verricht komen te vervallen. Er komt namelijk geen extra geld beschikbaar.

Justitie wijst voor de handhaving naar de burgemeester, maar die heeft geen bevoegdheid om het NFI te vragen cannabismonsters te onderzoeken. Want het NFI werkt uitsluitend in opdracht van… juist: het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Met deze THC plannen zal het in de praktijk dus nooit wat worden.

(advertenties)