(advertentie)
(advertentie)
(advertenties)

Wie na een paar kweekrondes weleens wat meer wil oogsten, kan dat natuurlijk doen door flink in nieuwe en betere kweekspullen te investeren. Kweek je echter nog steeds geen gram per Watt, dan kun je wellicht ook gewoon verder lezen. Er zijn namelijk ook gratis manieren om meer wiet te oogsten.

Of je nou met HPS, TL of led kweekt, die ene gram per Watt is in principe met iedere degelijke kweeklamp te halen. De maximale opbrengst van een kweek heeft namelijk vooral met efficiëntie te maken en niet zozeer met de nieuwste technische snufjes, kweekmediums of andere apparatuur. En dat is dus goed nieuws voor iedereen die minder dan een gram per Watt (van het stroomverbruik van je lichtbron) kweekt, want dan valt er nog een hoop winst te behalen. Gratis en voor niets!

Benut iedere centimeter

Gebruik vierkante potten en vul daarmee het hele kweekoppervlak voor de wortels, of je nu 4, 9 of 16 planten kweekt.

Lekker is maar één vinger lang, en een kweekruimte is maar zo groot. Of je nu een tent van 4 vierkante meter hebt of een kleine knusse kweekkast, op onbenutte kubieke centimeters groeien nu eenmaal geen toppen. En aangezien er meestal wel gewoon overal licht schijnt kun je de ruimte dus maar beter helemaal vullen.

De ruimte optimaal benutten begint helemaal onderin je kweekruimte. Hoe meer ruimte je de wortels namelijk geeft, hoe groter de planten kunnen worden. Gebruik daarom vierkante potten en zorg ervoor dat die het kweekoppervlak helemaal vullen. Wil je niet meer dan vijf planten kweken, kies dan liever vier vierkante potten die de volle oppervlakte vullen dan vijf ronde potten met een hoop verloren ruimte ertussen. Zet desnoods in één van de potten twee planten maar gebruik alle ruimte die je hebt voor de wortels.

Hetzelfde geldt voor de toppen boven de grond. Iedere top heeft minimaal ongeveer 15 bij 15 centimeter aan ruimte nodig, en dikke toppen iets meer. Op deze manier kun je precies uitrekenen hoeveel toppen iedere plant zou moeten hebben om het kweekoppervlak helemaal te vullen. Op één vierkante meter zijn dit dus ongeveer 40 toppen, en zou je met vier planten dus zo’n 10 toppen per plant moeten hebben. Door iedere plant een aantal keer te toppen kun je ervoor zorgen dat ze exact het aantal toppen krijgt die nodig zijn. Wil je je kweekoppervlak wat makkelijker en sneller vullen en wat eerder oogsten, kweek dan bijvoorbeeld 9 of 16 planten in plaats van 4. Dan hoeft iedere plant slechts 4 of 3 toppen te hebben.

Verspil geen kweeklicht

Voor de opbrengst (én de kwaliteit) is licht de allerbelangrijkste factor. Welke kweeklamp je dus ook gebruikt, je oogst maximaal wanneer al dat licht ten volle door de planten wordt opgevangen. Iedere lichtstraal die niet op een plant valt, of die van te ver moet komen, wordt niet maximaal gebruikt.

Start om te beginnen eens met het verstellen van de hoogte van de kweeklamp naar de ideale hoogte. Iedere kweeklamp heeft een zogenaamde sweet spot. Dat is de afstand tussen de lamp en het bladerdek waarbij de planten het krachtigste licht opvangen, zonder dat het ze schade doet door een te hoge temperatuur of in het geval van sommige leds, te intens licht.

De ideale hoogte is voor HPS en TL (fluorescent licht, spaarlampen en T5) gemakkelijk. In het geval van een HPS lamp is dat namelijk 10 procent van het Wattage in centimeters (400 Watt lamp = 40 cm, 250 Watt = 25 cm enz.). Voor TL lampen is de ideale afstand een centimeter of 10, zolang de bladeren maar niet verdorren door de hitte. Ondanks dat TL lampen hun licht niet erg diep stralen, kun je ook hier een gram wiet per Watt mee kweken. Het vergt alleen meer training, en dat brengt ons bij het volgende punt.

Train wietplanten in de groeifase

Train wietplanten in de groeifase, en kweek precies het aantal toppen per plant dat nodig is, om het kweekoppervlak er volledig mee te vullen.

Je kunt je kweeklamp qua hoogt nog zo perfect hebben afgesteld, wanneer één van je toppen een halve meter boven het bladerdek uitsteekt, betekent dat dus dat de rest veel minder licht vangt dan mogelijk is. Door je wietplanten te trainen kun je ervoor zorgen dat alle toppen op gelijke hoogte groeien. Zodat niet één maar iedere top zich in de sweet spot van het licht bevindt. Ook om het kweekoppervlak goed met toppen te vullen is training nodig, en de periode waarin je dat doet is de groeifase.

De structuur van je wietplanten naar je hand te zetten en zo een gelijkmatig en vol bladerdek kweken, kan op verschillende manieren. Toppen, fimmen, scroggen (wanneer je slechts weinig planten kweekt), ontbladeren en supercroppen zijn de belangrijkste middelen die je als efficiënte kweker tot je beschikking hebt. Het gaat wat ver om alle technieken hier uit te leggen maar in de link hierboven vind je de uitleg en per techniek een handig filmpje waarop te zien is hoe je hem uitvoert.

Kweek geen ondermaatse topjes

Waar geen licht schijnt, groeien ook geen goede toppen. Dief ondermaatse toppen tijdig weg zodat ze geen energie verspillen.

Wanneer je op de hierboven beschreven wijze een efficiënt en dichtbegroeid bladerdek hebt gekweekt, zul je merken dat de onderste topjes en bladeren bijna geen licht meer opvangen. Wanneer het tijd is om tot de bloeifase over te gaan en de eerste bloeiharen verschijnen, is het bladerdek zó dichtbegroeid dat alleen de bovenste toppen zich goed kunnen ontwikkelen. Maar aangezien de wietplant zelf geen zier geeft om dikke toppen of kleine topjes, produceert ze ook onderaan de plant topjes.

Deze kleine topjes onderaan de planten zullen door het gebrek aan licht nooit goed ontwikkelen. Na het drogen blijft er nauwelijks wat van over, ze worden niet hard en leveren je vooral veel knipwerk op. Wanneer je ze aan de planten laat zitten, zullen ze echter wel de nodige sappen en suikers (energie) verbruiken en dat is zonde. Door ze tijdig weg te knippen zorg je ervoor dat er alleen energie verbruikt wordt voor toppen waar je wel wat aan hebt. Dit wegknippen noemen we dieven, je doet het in de tweede week nadat je het 12/12 lichtregime hebt ingesteld zodat je goed kunt zien welke topjes en bladeren geen potentie hebben en weg kunnen.

Hoe het dieven precies in zijn werk gaat, en hoe je het beste kunt inschatten welke toppen weggesnoeid moeten worden, lees je in dit artikel. Dát dieven werkt bewijst zich keer op keer dus sla het dieven niet over.

Oogst niet te vroeg

Wanneer je eenmaal een egaal kweekoppervlak gekweekt hebt, de lamp op de optimale hoogte hangt, je kweekruimte helemaal benut is, de kleine topjes zijn weg gediefd en de bloeifase op gang is, is de rest van de bloeifase vooral een kwestie van goed kijken naar je planten en ze op tijd water en de juiste hoeveelheid voeding geven. Tot de laatste weken wanneer je je wietplanten alleen water geeft en het daarna tijd wordt voor de oogst.

Maar het is met name het moment waarop je besluit om te spoelen en nog belangrijker, wanneer je oogst, dat bepalend is voor je opbrengst en kwaliteit. Hobbykwekers zijn namelijk vaak erg ongeduldig en dat is begrijpelijk, maar een te vroege oogst betekent altijd een lager oogstgewicht dan mogelijk. Er valt een hoop winst te behalen door wat geduld op te brengen en te wachten tot je toppen hun maximale gewicht bereikt hebben.

Niet alleen zwellen wiettoppen in de allerlaatste weken namelijk nog flink aan, ze produceren dan ook nog veel hars. Kostbare trichomen met cannabinoïden die niet alleen de kwaliteit vergroten maar ook het gewicht. Oogsten doe je pas wanneer 80% van de bloeiharen bruin en ingedroogd zijn. Heb je een microscoop dan kun je het oogstmoment nog nauwkeuriger bepalen door daarmee naar de kleur van de trichomen te kijken. Er zouden bijna geen transparante trichomen meer moeten zijn en het overgrote merendeel van de trichomen moet wittig zijn en troebel. Wanneer er ook hier en daar de nodige bruine trichomen te zien zijn is het oogstmoment daar. Of doe gewoon zoals cannabisgoeroe Soma zegt en oogst altijd een week later dan je denkt dat je zou moeten oogsten.

[Openingsfoto: PopFoto, Shutterstock]
Delen via
Lekker bezig!
(advertenties)